Liefde voor de barbecue gaat door de maag

Mannen en de barbecue: zoiets als Mozart en een strijkorkest. Zodra de eerste zonnestraaltjes zich laten zien of de thermometer de 15 graden aanwijst, beginnen de barbecuehormonen op te spelen. Groot, klein, rond, vierkant, briketten of houtskool, niets zo leuk als een vuurtje stoken met een biertje in de hand en het zonnetje op het niet ingesmeerde gezicht.  Een gasbarbecue is voor mietjes, dat is niet echt barbecueën. Nee, de vlammen moeten minstens tot borsthoogte reiken zodra het gevaarte wordt aangestoken. Daarbij mag het aanmaakvloeistof uiteraard niet ontbreken. Een enkele barbecuebarbaar probeert de barbecue te verbranden door een scheut spiritus of alcohol te gebruiken. ‘Levensgevaarlijk’, denken de vrouwen in koor. ‘Vlees moet toch op gloeiende kolen gegaard worden, waarom nu weer die steekvlammen?’ De meeste dames zullen de pyromanen in mannen nooit begrijpen. Waar komt toch die oerdrang vandaan? Misschien wel de oertijd. Mannen jaagden op dieren, zorgden ervoor dat er vlees op de tafel kwam en dat er vuur was om de dieren op te bereiden. Vandaar dat de vrouwenrol bij de barbecue zich vaak alleen toespitst op het bereiden van salades, sausjes, smeerseltjes en broodjes. Lekker traditioneel, maar beide partijen lijken het hier helemaal mee eens te zijn.

BBQ chickenDie gezonde rauwkost en salades zijn in de meeste gevallen niet voor de mannelijke mondjes besteed. Het draait bij de barbecue vooral om zoveel mogelijk vlees. Een hamburgertje en een visje per persoon volstaat niet. Nee, daar moet minstens nog een kippenpoot, worst, karbonaadje en speklap bij. Tot slot de consumptie. Doordeweeks of in een restaurant gaat er bij manlief vaak wel een lekker glas wijn in, maar bij de barbecue is wijn absoluut uit den boze. Dus een biertje maakt het barbecueplaatje compleet. En een zelfgemaakt sausje met crème fraîche en citroen? Welnee, de sauzen van Remia voldoen prima.

Nu de zomer definitief in Nederland is losgebarsten komen de Webers weer elke avond uit de schuur, net zo vaak tot je aan het einde van het seizoen geen gegrilde kippenpoot meer kan zien. Ontbreekt het mannen aan creativiteit of speelt het feit dat ze vaak alleen een ei kunnen bakken mee bij de reden waarom er altijd hetzelfde vlees op de barbecue ligt? De barbecuekookboeken op zolder zijn aan dovemans oren gericht. ‘Nee, veel te veel moeite en er moet worst en kip bij.’

Hoe zou het zijn als vrouwen het barbecueschort aan zouden trekken? Ik denk aan een sappige beenham met goudkleurig korstje en de perfecte honingtijmsaus. Of een kruidige visje waarbij het vel niet aan het rooster geplakt zit. Ik fantaseer verder: gepofte aardappelen met zachte knoflookboter en een zoete maïskolf. Ik vrees voor het ergste: aangebrand vlees, omdat ik het te snel op het rooster gooi. Of  bij het omkeren van de vis valt hij tussen het rooster door. Maar misschien kom ik al niet eens zover. De kolen willen niet branden of niet gloeien, omdat ik niet weet hoeveel zuurstof erbij moet. Nee, daar wil ik mijn handen letterlijk en figuurlijk niet aan branden. Mijn vriend blijft thuis de barbecuebaas (ik hoor hem nu al opgelucht ademhalen). Ik ren zo naar de supermarkt voor een knapperig stokbroodje en een zakje sla.

 

 

1 Comment

Laat een reactie achter

Uw email adres zal niet gepubliceerd worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>